Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Zoek binnen:

Zorgenzoon - deel 24: "Ik ben blij dat ik mijn grote stoute kind weer zie"

Wegens ernstige gedragsproblemen is Lars in mei 2018 in een instelling geplaatst. Na vijftien maanden is het bijna zover: de rechterlijke machtiging mag er officieel af. Maar weer thuis wonen vinden de behandelaars geen goed idee. Hij kan beter langer blijven. Dat zint Lars voor geen meter en hij loopt weg. Voor de vijfde keer. Ondertussen bereid ik me voor op de aankomende verhuizing uit het familiehuis.

Omdat hij weer is weggelopen, voor de vijfde keer al heb ik uitgerekend, krijgt Lars een nieuwe time-out. In een andere instelling, ergens in de Achterhoek. Twee weken moet hij hier nadenken over zijn gedrag. Hij zit hier weer achter gesloten deuren. Moet vragen of hij naar het toilet mag, mag mij alleen bellen onder begeleiding en naar buiten op vaste tijden. Een ‘correctieplaatsing’ heet dit in hulpverlenerstermen. Gelukkig mag ik wel bij hem op bezoek. Ik vraag mijn zus of ze mee wil, dan maken we er een dagje uit van.

Advertentie

Inpakken en opruimen

Ondertussen bereid ik me thuis voor op de aanstaande verhuizing. Over bijna twee maanden tijd is het zover; dan verlaat ik het gezinshuis waar ik met man en kinderen twaalf jaar gewoond heb en verhuis met mijn halve hebben en houwen naar een klein stapel-appartement in de oudste buurt van Amsterdam. Ons huis, waar we het gezin zijn gestart, waar de kinderen leerden fietsen, Sinterklaas ieder jaar op bezoek kwam en zich nestelde bij de antieke open haard. De haard, waarvoor altijd een stoel gezet werd als er een iemand jarig was en de rest er omheen danste terwijl er ‘lang zal ie leven’ gezongen werd. De grote keuken, waar menig familie- en vriendendiner werd bereid, met uitzicht op de tuin. De tuin waar ik zo dol op was, met de grote magnoliaboom en de perken met wilde bloemen. Het rijtje vergeetmenietjes, waaronder het hamstertje van Bente voor eeuwig rust in een sigarendoosje. De schuur achterin, waar dikke spinnen zich verstopten om met de herfst tevoorschijn te komen en de tuin vol te hangen met glinsterende draden. De lange eettafel waar we aan zaten, feestten, ruzieden.

De geluiden zijn verstomd. De liefde is gedoofd. Het geluk lijkt opgelost. Er staan lege en halfvolle dozen door het hele huis. Het grote opruimen, weggooien en inpakken is begonnen. Dat dat niet in een week tijd gaat, had ik mij goed gerealiseerd van tevoren. Dus heb ik de kamers in weken verdeeld, etage voor etage wordt uitgekamd, doorgespit en opgeruimd. Vriendinnen melden zich spontaan om te helpen opruimen. Ik ben ze zo dankbaar! Ik deel ze in in groepjes. De ‘van dik hout zaagt men planken’ types zet ik in de bomvolle kelder. De dames die eigenlijk liever lullen dan poetsen, zet ik in de keuken. De doelgerichte ‘tijd is geld’ vrouwen laat ik los op de kledingkast. We maken grapjes, werken ons in het zweet, sjouwen, pakken in en nemen tussen het inpakken door een glaasje.

Vrouwtje brekebeen

Na een week gaat het mis. Ik hol enthousiast met verhuisdozen de hoge trappen op en af. Op en af. En verlies mijn evenwicht, val met de dozen en al naar beneden. En breek mijn voet. Daar lig ik. Buiten is het 36 graden. Ik kan nauwelijks lopen, zit tot aan mijn knie in het gips. Bente is uit logeren in Engeland, waar haar tante en nichtjes wonen. Als een amechtige zeehond lig ik op de bank voor te televisie. Gelukkig komt mijn zus mij halen voor het uitje naar Lars in de Achterhoek. Het is stralend weer. Ik strompel op krukken de instelling in. Omhels Lars omstandig. Hij is blij dat we er zijn. Zegt dat hij zich een ongeluk verveelt. En telt de dagen dat hij hier weg mag. Hij ziet gelukkig zelf ook wel in dat weglopen echt niet handig is. En dat hij doodmoe is van het alsmaar op de vlucht zijn en het achterom kijken omdat hij bang is dat hij gevolgd wordt door de politie. Hij belooft beterschap.

Ik kijk naar zijn grote blauwe ogen die nu rustig en vriendelijk staan. Wil hem graag geloven. Het lukt maar half. We zitten buiten in de schaduw. Ik ben een beetje moe en heb pijn, maar ben blij dat ik mijn grote lieve stoute kind weer zie.

Dagje uit

Na anderhalf uur is het tijd om te gaan. Ik rijd met mijn zus naar Zutphen, dat mooie hanzestadje. We bewegen in bejaardentempo door de straten, ik hup op mijn krukken naast mijn zus. Mijn kleine lieve zus die voor haar stuntelige grote zus een dagje vrij genomen heeft en fungeert als chaperonne en chauffeuse. We bezoeken ook het chique kunstenaarsdorpje Gorssel, eten een ijsje op een pleintje en ik pas, steunend op mijn krukken, zelfs nog een glittertop in een vintage design winkel. Ook al ben ik gehandicapt, het is fijn om op zo’n gestolen zomerdag even niet te hoeven inpakken of zorgen.

Een nieuwe dag

Na ruim twee weken mag Lars terug naar zijn eigen groep in de instelling, waar hij voorlopig nog zal wonen. Hij lijkt zich in zijn lot te hebben geschikt en houdt zich aardig rustig. Afwisselend brengt hij tijd door op de groep met de andere jongens of in zijn eentje op zijn kamer om genoeg rust te krijgen. Zijn weekendverloven zullen weer worden opgebouwd en hij krijgt iets meer zelfstandigheid als het gaat om zelfstandig over het terrein bewegen. Over zijn grote wens, op zijn verjaardag volgende maand naar huis te mogen, zijn de geleerden het nog niet eens. Maar de mogelijkheid bestaat. Ik verheug me voorlopig even nergens op, concentreer me op het verder opruimen en inpakken van het huis. Huppel met mijn gipsen pootje van verhuisdoos naar verhuisdoos, laat alle tekeningen, frutseltjes, schalen, knutselwerkjes, knuffelberen en kampeerspullen nog een keer door mijn handen gaan. Ik neem afscheid van alles wat ik niet meer wil of nodig heb, aai wat me dierbaar is, wikkel glaswerk in dozen en rijd met Bente een paar keer per week naar de Kringloopwinkel.

Ik heb weer wat geleerd de afgelopen tijd: afscheid nemen van wat je jarenlang diende, kan niet een twee huppekee. Daarom viel ik van de trap. Ik werd gedwongen beter te kijken naar hoe en wat er was. Zodat ik klaar ben voor wat er straks komen gaat.

Elke dag heeft aan het einde weer een nieuwe dag.

Volgende keer: Lars verlengt op eigen initiatief zijn verlof. En we gaan verhuizen.

Dit is de vierentwintigste aflevering van een serie columns over Lars (18), een jongen met ADHD en licht autisme. Zijn gedragsstoornis brengt hem regelmatig in de problemen. Zijn moeder, Febe van Otterlo, is freelance journalist. Om privacyredenen zijn de namen in deze column gefingeerd. De naam Febe van Otterlo is een pseudoniem.

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Schilderij ophangen zonder boren? Zo kun je dat het beste doen

Het is het meest voor de hand liggend om een schilderij op te hangen aan een spijker of schroef, maar soms heb je deze optie niet. Het kan bijvoorbeeld zijn dat je in een huurhuis woont waar je geen gaatjes in de muur mag maken of misschien weet je niet hoe je een boor moet gebruiken. Maar hoe kun je nu een schilderij ophangen zonder te boren?

Dit klinkt misschien onmogelijk, maar een schilderij ophangen zonder te boren is hartstikke makkelijk! Je hebt hier namelijk verschillende alternatieven voor.

Advertentie

Zelfklevende strips

Zo zijn er zelfklevende strips die je kunt gebruiken om een schilderij of een fotolijstje aan op te hangen. Deze strips kun je aan de achterkant van het lijstje plakken en vervolgens zo op de muur bevestigen. Naderhand kun je de strip ook weer makkelijk van je muur af halen zonder dat er lelijke restjes achterblijven. Hou er wel rekening mee dat als je een heel zwaar en groot schilderij hebt, deze strips dat gewicht niet kunnen dragen. Dit is meer een optie voor lichte lijstjes.

Schilderij ophangen zonder boren: zelfklevende spijkers

Net als zelfklevende strips heb je ook nog zelfklevende spijkers. Deze spijkers kunnen maximaal 2kg aan. Je plakt de strip die hierbij hoort op de muur, bevestigt vervolgens de klevende spijker aan de kleefstrip en je kunt je schilderijtje ophangen. Dit is misschien wel de makkelijkste manier voor het ophangen van een schilderij zonder te boren.

Schilderij ophangen aan touwtjes

Als het je er om gaat dat je geen lelijke gaatjes in je muur krijgt, kun je er ook nog voor kiezen om een schilderijrails te bevestigen en je schilderij hieraan te hangen door middel van een touwtje. Helaas heb je hier wel een boor voor nodig, want je moet de rails natuurlijk wel ophangen. Het voordeel is echter dat je achteraf geen lelijk gaatjes midden in je muur hebt.

Op de sidetable of op de kast

Als je een schilderij niet aan de muur op kunt of wilt hangen, dan kun je ook de meubels in huis slim gebruiken. Het staat namelijk ook heel leuk om een schilderij op een sidetable, ladekastje of tv-meubel neer te zetten. Zo kun je een schilderij toch neerzetten, maar hoef je niet te boren.

Zo hang je binnen 15 seconden een schilderij aan de muur met een vork:

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Bron: Wonen&co. Beeld: Getty

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Schilderij ophangen zonder boren? Zo kun je dat het beste doen

Het is het meest voor de hand liggend om een schilderij op te hangen aan een spijker of schroef, maar soms heb je deze optie niet. Het kan bijvoorbeeld zijn dat je in een huurhuis woont waar je geen gaatjes in de muur mag maken of misschien weet je niet hoe je een boor moet gebruiken. Maar hoe kun je nu een schilderij ophangen zonder te boren?

Dit klinkt misschien onmogelijk, maar een schilderij ophangen zonder te boren is hartstikke makkelijk! Je hebt hier namelijk verschillende alternatieven voor.

Advertentie

Zelfklevende strips

Zo zijn er zelfklevende strips die je kunt gebruiken om een schilderij of een fotolijstje aan op te hangen. Deze strips kun je aan de achterkant van het lijstje plakken en vervolgens zo op de muur bevestigen. Naderhand kun je de strip ook weer makkelijk van je muur af halen zonder dat er lelijke restjes achterblijven. Hou er wel rekening mee dat als je een heel zwaar en groot schilderij hebt, deze strips dat gewicht niet kunnen dragen. Dit is meer een optie voor lichte lijstjes.

Schilderij ophangen zonder boren: zelfklevende spijkers

Net als zelfklevende strips heb je ook nog zelfklevende spijkers. Deze spijkers kunnen maximaal 2kg aan. Je plakt de strip die hierbij hoort op de muur, bevestigt vervolgens de klevende spijker aan de kleefstrip en je kunt je schilderijtje ophangen. Dit is misschien wel de makkelijkste manier voor het ophangen van een schilderij zonder te boren.

Schilderij ophangen aan touwtjes

Als het je er om gaat dat je geen lelijke gaatjes in je muur krijgt, kun je er ook nog voor kiezen om een schilderijrails te bevestigen en je schilderij hieraan te hangen door middel van een touwtje. Helaas heb je hier wel een boor voor nodig, want je moet de rails natuurlijk wel ophangen. Het voordeel is echter dat je achteraf geen lelijk gaatjes midden in je muur hebt.

Op de sidetable of op de kast

Als je een schilderij niet aan de muur op kunt of wilt hangen, dan kun je ook de meubels in huis slim gebruiken. Het staat namelijk ook heel leuk om een schilderij op een sidetable, ladekastje of tv-meubel neer te zetten. Zo kun je een schilderij toch neerzetten, maar hoef je niet te boren.

Zo hang je binnen 15 seconden een schilderij aan de muur met een vork:

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Bron: Wonen&co. Beeld: Getty

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

James Worthy: “'Mag opa nu in mijn achterzak?' vraagt mijn zoon"

James Worthy (40) is schrijver, journalist en columnist. Hij is getrouwd met Artie en vader van James (7). Voor Libelle schrijft James columns waarin liefde centraal staat: voor zijn ouders, zijn gezin en het leven. Geestig, soms hartverscheurend, maar bovenal eerlijk en ontroerend. Deze week maakt hij iets magisch van de dood van zijn vader.

Ik loop door het park met mijn vader in mijn achterzak. Niemand ziet hem, maar hij is er. Mijn vader woont tegenwoordig in een zilveren potje. Het potje is net iets groter dan een luciferdoosje.

Advertentie

Eng

In mijn jeugd heb ik vaak urnen in huiskamers zien staan, maar ik voelde er niets bij. Een urn is in feite een vaas voor bloemen die dood zijn en bloemen die dood zijn, gaan nooit meer bloeien. Althans, dat dacht ik. Ik was nog jong. Ik onderschatte de levensdrift van de dood. En ik onderschatte de verbeeldingskracht van mezelf. Ik vond urnen altijd een beetje eng. Net als dat ik kerken en honden eng vond. Kerken en honden vind ik nog steeds eng, maar voor urnen ben ik niet bang meer. Een urn is gewoon een vaas waarin je je herinneringen kunt laten bloeien.

Navelvergroting

De laatste tijd denk ik vaak aan een scène uit een van mijn favoriete boeken. In Birk van Jaap Robben, ligt de hoofdpersoon in bad en opeens komt zijn overleden vader uit de kraan. Hij dook diep in het water van het bad en kwam boven naast het eiland van mijn buik. Ik hielp hem met mijn wijsvinger omhoog en hield het eiland zo stil mogelijk. Languit lag hij te hijgen. Zijn twee voeten pasten naast elkaar in mijn navel.

Wat ik het laatste jaar heb geleerd is dat fantasie een vangnet kan zijn op de momenten dat je het gevoel hebt dat je van de aarde af aan het vallen bent. Fantasie is een gek iets. Mensen waarderen het als je klein bent, maar als je volwassen bent, is het hebben van fantasie een eenzame aandoening. De urn van mijn vader past niet in mijn navel. Ik heb het wel geprobeerd. Ik heb zelfs op de website van een plastisch chirurg gekeken of een navelvergroting een officiële ingreep is, maar ik kon het nergens vinden.

Geen interesse

Gisteren had ik een belangrijk sollicitatiegesprek en mijn vader zat rustig in de binnenzak van mijn nette jas. De jas hing aan een lege kapstok in een leeg kantoorpand. Toen het gesprek was afgelopen, pakte ik mijn jas van de kapstok en toen viel mijn vader op de grond. Als een knikker rolde hij over de betonnen vloer. De baas van het bedrijf, zag het potje rollen, maar zei niets. Hij wist niet wat hij moest zeggen. “Dit is mijn vader”, zei ik, toen ik het potje van de grond plukte. De man wist nog steeds niet wat hij moest zeggen. “Maak je niet druk. Hij heeft totaal geen interesse in de functie.”

Cajunkruiden

Soms staat mijn vader op het aanrecht als ik sta te koken. Hij is precies even groot als het zoutvaatje.

“Wat ga je vandaag maken, jongen?” vraagt ie dan.

“Iets met kabeljauw en prei en courgette.”

“Dat kookte je nooit voor me toen ik er nog was.”

“Ik ben gezonder gaan leven, ouwe.”

“Hoe bedoel je gezond? Je bent tegen een urn aan het praten.”

“Als je zo gaat doen, zet ik je straks in het kruidenrek naast het busje Cajunkruiden.”

“Nee, ik haat Cajunkruiden. Sorry, ik neem alles terug.”

Altijd wakker

Het fijne aan urnen is dat ze nooit slapen. Urnen zijn altijd wakker. Ze staan voor je klaar als je ze nodig hebt.

Ik sta in de badkamer en mijn vader staat in de wasbak. Hij staat op een omgekeerde beker, zodat hij niet nat wordt.

“Wanneer ga je je baard trimmen, jongen? Je baard is te lang.”

“En jouw leven was te kort.”

“Dat zeker, maar ik ben niet meer verdrietig. Ben jij verdrietig?”

“Ik ben blij dat ik verdrietig ben en ik ben verdrietig dat ik blij ben. Begrijp je, pa?”

“Ik heb je nooit begrepen. Ik heb alleen je eerste boek gelezen.”

“Waar ging mijn eerste boek dan over?”

“Alsof ik dat niet zou weten, jongen. Jouw eerste boek ging over een slechtziende ijzersmid in de Eerste Wereldoorlog.”

“Haha, je bent zo’n sukkel.”

Broekzak

Ik loop door het park met mijn vader in mijn achterzak. Mijn zoon loopt naast me. De zon is met haar stralen de bladeren van de bomen aan het blonderen. Een oude vrouw laat haar hondje uit. Een jongen en een meisje zitten op een bankje. Ze eten druiven en delen een krant.

“Mag opa nu in mijn achterzak?” vraagt mijn zoon. Ik geef het potje aan hem. Het is prachtig om te zien hoe mijn zoon met de dood van mijn vader omgaat. Ook hij maakt er iets magisch van. Zijn opa is weg, maar hij begrijpt dat dingen pas echt weg zijn als je met zoeken stopt. Mijn zoon loopt door het park met mijn vader in de achterzak van zijn spijkerbroek.

“Ik voel dat opa heel blij is,” zegt hij.

“Zeker, en jij kan dat weten.”

“Hoe bedoel je, pap?”

“Jij kende opa echt heel goed. Echt heel, heel, heel goed. Jij kende opa als je broekzak.”

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Tekst: James Worthy. Foto: Ilja Keizer.

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

James Worthy: “'Mag opa nu in mijn achterzak?' vraagt mijn zoon"

James Worthy (40) is schrijver, journalist en columnist. Hij is getrouwd met Artie en vader van James (7). Voor Libelle schrijft James columns waarin liefde centraal staat: voor zijn ouders, zijn gezin en het leven. Geestig, soms hartverscheurend, maar bovenal eerlijk en ontroerend. Deze week maakt hij iets magisch van de dood van zijn vader.

Ik loop door het park met mijn vader in mijn achterzak. Niemand ziet hem, maar hij is er. Mijn vader woont tegenwoordig in een zilveren potje. Het potje is net iets groter dan een luciferdoosje.

Advertentie

Eng

In mijn jeugd heb ik vaak urnen in huiskamers zien staan, maar ik voelde er niets bij. Een urn is in feite een vaas voor bloemen die dood zijn en bloemen die dood zijn, gaan nooit meer bloeien. Althans, dat dacht ik. Ik was nog jong. Ik onderschatte de levensdrift van de dood. En ik onderschatte de verbeeldingskracht van mezelf. Ik vond urnen altijd een beetje eng. Net als dat ik kerken en honden eng vond. Kerken en honden vind ik nog steeds eng, maar voor urnen ben ik niet bang meer. Een urn is gewoon een vaas waarin je je herinneringen kunt laten bloeien.

Navelvergroting

De laatste tijd denk ik vaak aan een scène uit een van mijn favoriete boeken. In Birk van Jaap Robben, ligt de hoofdpersoon in bad en opeens komt zijn overleden vader uit de kraan. Hij dook diep in het water van het bad en kwam boven naast het eiland van mijn buik. Ik hielp hem met mijn wijsvinger omhoog en hield het eiland zo stil mogelijk. Languit lag hij te hijgen. Zijn twee voeten pasten naast elkaar in mijn navel.

Wat ik het laatste jaar heb geleerd is dat fantasie een vangnet kan zijn op de momenten dat je het gevoel hebt dat je van de aarde af aan het vallen bent. Fantasie is een gek iets. Mensen waarderen het als je klein bent, maar als je volwassen bent, is het hebben van fantasie een eenzame aandoening. De urn van mijn vader past niet in mijn navel. Ik heb het wel geprobeerd. Ik heb zelfs op de website van een plastisch chirurg gekeken of een navelvergroting een officiële ingreep is, maar ik kon het nergens vinden.

Geen interesse

Gisteren had ik een belangrijk sollicitatiegesprek en mijn vader zat rustig in de binnenzak van mijn nette jas. De jas hing aan een lege kapstok in een leeg kantoorpand. Toen het gesprek was afgelopen, pakte ik mijn jas van de kapstok en toen viel mijn vader op de grond. Als een knikker rolde hij over de betonnen vloer. De baas van het bedrijf, zag het potje rollen, maar zei niets. Hij wist niet wat hij moest zeggen. “Dit is mijn vader”, zei ik, toen ik het potje van de grond plukte. De man wist nog steeds niet wat hij moest zeggen. “Maak je niet druk. Hij heeft totaal geen interesse in de functie.”

Cajunkruiden

Soms staat mijn vader op het aanrecht als ik sta te koken. Hij is precies even groot als het zoutvaatje.

“Wat ga je vandaag maken, jongen?” vraagt ie dan.

“Iets met kabeljauw en prei en courgette.”

“Dat kookte je nooit voor me toen ik er nog was.”

“Ik ben gezonder gaan leven, ouwe.”

“Hoe bedoel je gezond? Je bent tegen een urn aan het praten.”

“Als je zo gaat doen, zet ik je straks in het kruidenrek naast het busje Cajunkruiden.”

“Nee, ik haat Cajunkruiden. Sorry, ik neem alles terug.”

Altijd wakker

Het fijne aan urnen is dat ze nooit slapen. Urnen zijn altijd wakker. Ze staan voor je klaar als je ze nodig hebt.

Ik sta in de badkamer en mijn vader staat in de wasbak. Hij staat op een omgekeerde beker, zodat hij niet nat wordt.

“Wanneer ga je je baard trimmen, jongen? Je baard is te lang.”

“En jouw leven was te kort.”

“Dat zeker, maar ik ben niet meer verdrietig. Ben jij verdrietig?”

“Ik ben blij dat ik verdrietig ben en ik ben verdrietig dat ik blij ben. Begrijp je, pa?”

“Ik heb je nooit begrepen. Ik heb alleen je eerste boek gelezen.”

“Waar ging mijn eerste boek dan over?”

“Alsof ik dat niet zou weten, jongen. Jouw eerste boek ging over een slechtziende ijzersmid in de Eerste Wereldoorlog.”

“Haha, je bent zo’n sukkel.”

Broekzak

Ik loop door het park met mijn vader in mijn achterzak. Mijn zoon loopt naast me. De zon is met haar stralen de bladeren van de bomen aan het blonderen. Een oude vrouw laat haar hondje uit. Een jongen en een meisje zitten op een bankje. Ze eten druiven en delen een krant.

“Mag opa nu in mijn achterzak?” vraagt mijn zoon. Ik geef het potje aan hem. Het is prachtig om te zien hoe mijn zoon met de dood van mijn vader omgaat. Ook hij maakt er iets magisch van. Zijn opa is weg, maar hij begrijpt dat dingen pas echt weg zijn als je met zoeken stopt. Mijn zoon loopt door het park met mijn vader in de achterzak van zijn spijkerbroek.

“Ik voel dat opa heel blij is,” zegt hij.

“Zeker, en jij kan dat weten.”

“Hoe bedoel je, pap?”

“Jij kende opa echt heel goed. Echt heel, heel, heel goed. Jij kende opa als je broekzak.”

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Tekst: James Worthy. Foto: Ilja Keizer.

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien