Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Zoek binnen:

Zorgenzoon - deel 19: "Het enige wat mij overeind houdt, is mijn moederliefde"

Wegens ernstige gedragsproblemen is Lars in mei 2018 in een instelling geplaatst. Aanvankelijk op de gesloten afdeling, maar omdat dit hem niet veel goeds brengt, mag hij na acht maanden naar een open setting. Over een passende therapie worden de specialisten het maar niet eens. Het boeit Lars weinig: hij wil alleen maar naar huis.

Het is lente, mijn favoriete seizoen. Buiten is de wereld gehuld in een groen waas. Vogels verleiden elkaar met een fluit serenade. De magnoliaboom in de tuin duwt haar witte bloemen de voorjaarslucht in. Het is alweer bijna een jaar geleden dat mijn kind verbannen werd naar het verre ‘strafkamp’ in het groene oosten aan de andere kant van het land. Een jaar van rechtszaken, weglopen, overplaatsingen, leuke maar vaker mislukte bezoekjes, aardige en irritante begeleiders, slapeloze nachten, droefgeestige besprekingen en regiebehandelaren die elkaar sneller opvolgen dan de seizoenen wisselen.

Advertentie

Augustus is D-day

Ook Lars heeft het voorjaar in de bol; al was het maar omdat hij weet dat na de lente de zomer komt en na de zomervakantie mag hij naar huis. Tenminste, dat is wat hij onthouden heeft van de laatste rechtszaak; als het goed gaat, gaat in augustus de voorwaardelijke rechterlijke machtiging eraf en mag hij eventueel naar huis, zo had de rechter gezegd. Met het woord ‘eventueel’ kan Lars niet veel. Het is zo of het is niet zo. En omdat hij onzekerheden in zijn drukke hoofd er niet bij kan hebben, is zijn wens zijn enige waarheid. Augustus wordt de maand van zijn verlossing.

Ongeopende boeken

Ondertussen wordt hij op school goed bezig gehouden. Het is de bedoeling dat hij staatsexamen doet, vmbo-tl. Dit jaar zijn de certificaten aangevraagd voor rekenen, Engels, Nederlands, economie en geschiedenis. De andere vakken zullen volgend jaar behaald moeten worden. Volgens zijn mentor Hakim doet Lars redelijk zijn best. In zijn verlofweekenden bij mij, heeft hij zijn boeken keurig bij zich. Maar iedere keer gaan de boeken ongeopend weer mee terug. Met de naleving van de tien huis-geboden, de regels waaraan Lars zich moet houden tijdens zijn verblijf bij mij, neemt hij het ook steeds minder nauw. Hij komt binnenvallen en vertrekt op momenten dat hem dat uitkomt, doet allang geen klusjes meer in huis en heeft een enorm grote mond. Gewoon praten is er haast niet meer bij, hij snauwt en grauwt vooral. Als een boos verongelijkt dier.

Hulp gevraagd

Wanneer ik dit bespreek met de systeemtherapeut, stelt deze mij de vraag hoe dat moet als Lars straks weer thuis komt wonen. En of het überhaupt verstandig is als Lars weer thuis komt wonen. Eerlijk gezegd zie ik het op deze manier niet zitten, zeg ik hem. En vooral niet, omdat er nog steeds geen enkele therapie of behandeling gestart is. Volgens de nieuwe gedragswetenschapper, de derde op rij, is er nog altijd een wachtlijst voor de emotieregulatie therapie en weigert Lars vooralsnog medewerking.

Omdat er niets over vermeld stond in de voorwaarden voor zijn terugkeer naar huis, zo meent hij. Dus dat schiet niet op. En schematherapie, de andere therapievorm die in november vorig jaar al werd aangeraden, is een intense en langdurige behandelvorm, die alleen gestart kan worden als er een duidelijke ‘hulpvraag’ vanuit de hulpbehoevende is. Daar is geen sprake van; Lars vindt dat hem geen blaam treft, hij heeft nergens last van, het is juist zijn omgeving die volgens hem ‘helemaal wappie’ is en het is schuld van de hele wereld dat hij in die rottige instelling zit; hij kan er helemaal niets aan doen.

Bovendien kan de gedragswetenschapper van de nieuwe behandelgroep van Lars zich niet vinden in de conclusie in het persoonlijkheidsonderzoek van haar collega’s, waarin ondermeer staat dat er getwijfeld wordt aan de aanwezigheid van een stoornis in het autismespectrum. Terwijl het team van de afdeling van de instelling waar Lars momenteel verblijft, juist heel veel typische kenmerken constateert: een beperkt inlevingsvermogen, prikkelgevoeligheid, matig probleeminzicht, rigiditeit in denken en een grote behoefte aan structuur en duidelijkheid.

Last van eigen gedrag

Zucht. Als de specialisten het niet eens zijn, hoe moet er dan een doeltreffend behandelplan worden opgesteld? En hoe moet Lars nu een hulpvraag ontwikkelen als hij vindt dat hij geen probleem heeft?

Ik heb het gevoel dat we in kringetjes ronddraaien. Niemand komt met een concreet plan. Er wordt besloten dat Lars eerst last moet ondervinden van zijn eigen gedrag, alvorens hij daadwerkelijk met zichzelf aan de slag zal kunnen en willen gaan. In plaats van dat de omgeving zich aan Lars aanpast, moet Lars zich maar aan de omgeving aanpassen, zo meent de regiebehandelaar. Dat betekent: verhuizing naar een echte open groep, meer contact met andere jongeren, verlof uitbouwen. Dan zullen er vanzelf situaties voorvallen die een ingang voor therapie kunnen geven, aldus de redenatie van het specialistenteam. Tja, dat is ook een insteek. Niets doen en afwachten tot ‘het probleem’ zelf ontdekt dat hij een probleem heeft.

Rot in het vak

De een op een begeleiding op school en op de groep wordt per direct gestaakt. Lars moet meedoen in de normale mallemolen van de dagelijkse gang van zaken. Hakim begeleidt hem waar mogelijk. Het stelt me enigszins gerust dat deze rot in het vak bovenop ons kind zit. Het valt me weer extra op dat het met name de mensen in de praktijk zijn die ervoor zorgen dat de boel marcheert. In zorgverleners land is de kloof tussen onderzoek en uitvoering even gapend als tussen de directiekamer in het ziekenhuis en de verplegende handen aan het bed.

Ik weet het niet meer. En ik weet het niet beter. Het enige wat mij overeind houdt, is mijn moederliefde. Mijn intuïtie. Mijn drive in de zoektocht naar liefdevolle begeleiding voor mijn kind. Dat dat uiteindelijk geen instelling is, is me allang duidelijk. Een instelling neemt de problemen niet weg. Het verbergt ze alleen voor de maatschappij.

Volgende keer: Op zoek naar een nieuwe plek voor Lars.

Dit is de negentiende aflevering van een serie columns over Lars (17), een jongen met ADHD en licht autisme. Zijn gedragsstoornis brengt hem regelmatig in de problemen. Zijn moeder, Febe van Otterlo, is freelance journalist. Om privacyredenen zijn de namen in deze column gefingeerd. De naam Febe van Otterlo is een pseudoniem.

Maartje en de meisjes deel 57: “Het is zo fijn wat je doet, Vera”

Maartje

Tijdens haar derde rondje rennen deze week, loopt Maartje Vera tegen het lekkere lijf. Samen sprinten ze naar Vera’s huis voor een verrukkelijke smoothie, maar blijkbaar is dat niet het enige dat ze in petto heeft.

Ze heeft twee smoothies in haar hand en alleen een badjas aan. Onschuldig kijken heeft geen zin meer, want we voelen allebei wel wat er gaat gebeuren. Dat vind ik ook zo leuk aan Vera. Durf. Ze laat duidelijk zien dat ze me wil en dat vind ik woest aantrekkelijk. Glunderend stapt ze met smoothies en al de douche binnen.

“Om je vingers bij af te likken”,

Lees Verder >>

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien